index » technical
kalibratie LCS

(geschreven door Danny van Deventer; focus puller)

Handmatig kalibreren Arri LCS Systeem zonder belasting door de lensmotor van de mechanische eindstops op de focusring van de lens:
 
Hieronder beschreven procedure is van bijzonder nut bij het gebruik van een fysiek lange zoomlens op een (16 mm) camera, waar de lensmotor bij volautomatisch kalibratie zowel de zoomlens -, alsook zichzelf wegduwt door toedoen van de verende speling op de lichtgewicht stangen.

Het volautomatisch kalibreren van fysiek korte (vaste) lenzen, vormt in de regel geen probleem.

1. Markeer exact de uiterste mechanische eindstops op de focusring van de lens ten opzichte van de indexstreep; dit kan eenvoudig m.b.v. een pijltje. 1 markering voor 'oneindig' en 1 markering 'close focus'. De functie van deze merktekens is het duidelijk aangeven van de mechanische eindstops aan beide zijden van de slag op de focusring, zodat we bij handmatige kalibratie de motor niet te ver doordraaien.
De pijlmarkeringen op de lens laten; we kunnen ze later weer gebruiken.

2. Installeer de motorcontroller (UMC) en lensmotor (CLM) op de camera en maak de noodzakelijke kabelverbindingen. Controleer eventueel aanwezige balansplaat en stangen op rigide bevestiging. Schakel het systeem nog niet aan en hou de lensmotor vrij van de vertanding op de lens.

3. Neem de handunit (WMU); draai de focusdraaiknop tot aanslag van 'oneindig' en plaats ook beide verplaatsbare mechanische eindstops op de focusdraaiknop in deze 'linkerboven-hoek' en zet ze vervolgens goed vast.

4. Motorcontroller en handunit aanzetten.
Eventuele geheugenstanden in handunit (zichtbaar door verlichte LEDs onder 'KNOB' en/of 'LENS') wissen door de toets(en) van 'KNOB' en/of 'LENS' even ingedrukt te houden en na een paar seconden weer los te laten.
De lensmotor zal reageren met omwentelingen van het tandwiel.
Na het wissen van een geheugenstand zijn de LEDs niet langer verlicht.
Op de handunit; draai de focusdraaiknop tot ongeveer 2 cm. voor de aanslag van 'oneindig'.
Op de lens; draai de focusring naar een positie ongeveer 0,5cm. voor de pijlmarkering van 'oneindig'. Houdt motorcontroller en handunit ingeschakeld!

5. Plaats de motor tegen de lens; zorg ervoor dat de vertandingen van motor en lens goed in elkaar grijpen. Voet van de motor STEVIG vastdraaien op de stang.
LET OP; focusdraaiknop op de handunit nog niet gebruiken, want de eindstops op de lens zijn nog niet bekend zijn voor het systeem.
Houdt motorcontroller en handunit ingeschakeld!

6. Neem de handunit en - met een oog op de lens - draai de focusdraaiknop langzaam en voorzichtig zodanig dat de focusring van de lens NET VOOR het merkteken/pijltje bij 'oneindig' staat.
'NET VOOR' betekent in dit geval zo dicht bij als mogelijk ZONDER DOOR DE PIJLMARKERING TE GAAN!
Laat de focusdraaiknop los.
Let op: deze handeling voorzichtig uitvoeren; te ver draaien betekent dat de lens mechanisch wordt belast door de motor!
Druk de toets 'LENS' in op de handunit en HOU DEZE INGEDRUKT (de LED gaat knipperen) terwijl je m.b.v. de focusdraaiknop de focusring op de lens ring voorzichtig in 1 x draait tot NET VOOR het merkteken/pijltje van 'close focus'. 'NET VOOR' betekent in dit geval eveneens zo dicht bij als mogelijk ZONDER DOOR DE PIJLMARKERING TE GAAN!
toets 'LENS' loslaten.
Let op: deze handeling voorzichtig uitvoeren; te ver draaien betekent dat de lens mechanisch wordt belast door de motor!
De LED 'LENS' is nu rood verlicht.
De maximale slag van de focusring op de lens is nu bepaald.

Let op: bij hierboven omschreven procedure de focusdraaiknop uitsluitend in 1 richting draaien en de 'LENS' toets tussendoor niet loslaten. Houdt motorcontroller en handunit ingeschakeld!

7. Neem de handunit en draai de focusdraaiknop tot ongeveer 0,5cm. voor de mechanische aanslag bij 'oneindig'. Druk de toets 'KNOB' in, HOU DEZE INGEDRUKT (de LED gaat knipperen) en draai vervolgens de focusdraaiknop in 1 keer tot ongeveer 0,5cm. voor de andere mechanische aanslag. Toets 'KNOB' loslaten. De LED 'KNOB' is rood verlicht.
De maximale slag van de focusdraaiknop op de handunit is nu bepaald.

Let op: bij hierboven omschreven procedure de focusdraaiknop uitsluitend in 1 richting draaien en desbetreffende toets tussendoor niet loslaten. Houdt motorcontroller en handunit ingeschakeld!

8. Eindstops op de lens zijn nu bekend in het systeem en we kunnen nu de focusdraaiknop op de handunit vrij bewegen. Aangezien bij stap 6 de begrenzing van de slag op de focusring van de lens zowel bij 'oneindig' als ook 'close focus' is gekozen op 'een haartje' voor de fysieke mechanische stop op de focusring van de lens, wordt de lens nimmer belast op zijn mechanische eindstops.

9. Plaats een witte focusschijf op de handunit. Op de handunit, draai de focusdraaiknop volledig tot aan zijn aanslag in richting 'oneindig'. De focusring van de lens staat nu op 'oneindig'. Met een oog op de lens - beweeg de focusdraaiknop zeer langzaam TOT HET MOMENT waarop de focusring van de lens in beweging komt; m.a.w. wegbeweegt van de positie 'oneindig'. Stop met draaien ZODRA je beweging ziet; de lens staat nu op oneindig. Iets te ver gedraaid? Dan even terug met de focusdraaiknop tot zijn aanslag in de richting 'oneindig' en opnieuw de focusdraaiknop zeer langzaam bewegen TOT HET MOMENT waarop de focusring van de lens in beweging komt. Neem nu de kalibratie van de focusring van de lens over op de witte schijf, door geleidelijk - en in 1 richting - alle punten op de focusring van de lens vanuit 'oneindig' naar de richting 'close focus' te doorlopen. Maak deze kalibratie in 1 richting en in 1 sessie. Houdt motorcontroller en handunit ingeschakeld!

10. Het systeem is nu klaar voor gebruik; de focusring van de lens wordt niet belast op zijn uiterste fysieke stops en de focusschijf is volledig gekalibreerd. We kunnen nu het systeem uitschakelen.
Let op: bij handmatig kalibreren moeten we bij tussendoor uit- en weer aanschakelen, de focusdraaiknop op de handunit altijd HALVERWEGE zijn ronde slag plaatsen.
(HALVERWEGE = de verstelbare mechanische eindstops op de focusdraaiknop omlaag wijzend)

11. Let op: bij deze vorm van handmatig kalibreren mogen we bij ingeschakelde motorcontroller en handunit  de geheugenstanden opgeslagen onder 'KNOB' en 'LENS' pas wissen NADAT WE DE LENSMOTOR VRIJ HEBBEN GEPLAATST VAN DE LENS !!!
Het wissen van geheugenstanden heeft bij ingeschakeld systeem namelijk altijd enige omwentelingen van de motor ten gevolge; hierdoor is het mogelijk dat de draaiende motor alsnog -en dan in volle vaart- de fysieke eindstops op de focusring van lens belast. Voorkomen dus!

12. De kalibratie van overige (zoom) lenzen kan op gelijke wijze (zoals beschreven onder 1 t/m 10) op witte focusschijf worden overgenomen.
Let op: voordat een volgende lens kan worden gekalibreerd, eerst de geheugenstanden onder 'LENS' en 'KNOB' wissen.
Het wissen van een geheugenstand gebeurd eenvoudig door desbetreffende toets enige seconden ingedrukt te houden en vervolgens weer los te laten. De LED's zijn nu niet langer verlicht.
 

GEBRUIK VAN REEDS GECALIBREERDE WITTE FOCUSSCHIJVEN 

Wanneer het gebruik van de zoomlens wordt afgewisseld met andere lenzen en we later opnieuw de bewuste zoomlens willen gebruiken in combinatie met de witte focusschijf welke reeds is voorbereid. 

1. Markeer exact de uiterste mechanische eindstops op de focusring van de lens ten opzichte van de indexstreep; dit kan eenvoudig m.b.v. een pijltje. 1 markering voor 'oneindig' en 1 markering 'close focus'. (wellicht zijn deze markeringen nog aanwezig van de 1e maal kalibreren) Plaats de motor vrij van de lens.
Schakel motorcontroller en handunit aan. Eventueel opgeslagen geheugenstanden onder 'KNOB' en 'LENS' eerst wissen door betreffende toetsen enkele seconden ingedrukt te houden en vervolgens weer los te laten. De LED's zijn nu niet langer verlicht. Neem de handunit en draai de focusdraaiknop 2 cm. voor de aanslag 'oneindig'. Op de lens; draai de focusring tot 0,5cm voor oneindig.

2. Plaats de motor tegen de lens; zorg ervoor dat de vertandingen van motor en lens goed in elkaar grijpen. Voet van de motor STEVIG vastdraaien op de stang.
Let op: focusdraaiknop op de handunit nog niet gebruiken, want de eindstops op de lens zijn nog niet bekend zijn voor het systeem. Houdt motorcontroller en handunit ingeschakeld!

3. Neem de handunit en - met een oog op de lens - draai de focusdraaiknop langzaam en voorzichtig zodanig dat de focusring van de lens NET VOOR het merkteken/pijltje bij 'oneindig' staat. 'NET VOOR' betekent in dit geval zo dicht bij als mogelijk ZONDER DOOR DE PIJLMARKERING TE GAAN! Laat de focusdraaiknop los.
Let op: deze handeling voorzichtig uitvoeren; te ver draaien betekent dat de lens mechanisch wordt belast door de motor!
Druk de toets 'LENS' in en HOU DEZE INGEDRUKT (de LED gaat knipperen) terwijl je m.b.v. de focusdraaiknop op de handunit de focusring op de lens voorzichtig en in 1 x draait tot NET VOOR het merkteken/pijltje van 'close focus'.
'NET VOOR' betekent in dit geval eveneens zo dicht bij als mogelijk ZONDER DOOR DE PIJLMARKERING TE GAAN! Toets 'LENS' loslaten.
Let op: deze handeling voorzichtig uitvoeren; te ver draaien betekent dat de lens mechanisch wordt belast door de motor! De LED 'LENS' is nu rood verlicht. De maximale slag van de focusring op de lens is nu bepaald.
Let op: bij hierboven omschreven procedure de focusdraaiknop uitsluitend in 1 richting draaien en de 'LENS' toets tussendoor niet loslaten. Houdt motorcontroller en handunit ingeschakeld!

4. Vervolgens worden zowel de eindstops op de focusdraaiknop bepaald, alsook de kalibratie op de focusring van de lens gelijk gelegd aan die op de witte focusschijf. Draai de focusdraaiknop helemaal terug tot de aanslag van de mechanische eindstops. Draai de focusdraaiknop nu langzaam tot exact aan de positie 'oneindig' op de witte focusschijf. Druk de toets 'KNOB' in en HOU DEZE INGEDRUKT terwijl je de focusdraaiknop net zolang draait tot het punt 'close focus' exact is bereikt op de witte focusschijf.
Daar aangekomen de toets 'KNOB' loslaten.
Ook in dit geval is het belangrijk de kalibratie in 1 richting uit te voeren; tussendoor dus niet de focusdraaiknop terugdraaien en/of van draairichting wisselen.
De kalibratie op de witte focusschijf dient nu punt voor punt exact overeen te komen met de kalibratie op de focusring van de lens. Bij grote afwijkingen is het meest waarschijnlijk dat bij de uitvoer van punt 4 niet nauwkeurig te werk is gegaan. In dit geval alleen de geheugenstand onder 'KNOB' wissen (motor mag hierbij op de lens blijven) en punt 4 opnieuw vanaf het begin doorlopen.

Let op: mocht je bij zowel het bepalen van de eindstops van de lensring of die van de focusring door het eindpunt schieten, dan is het verstandig de desbetreffende toets los te laten, de handunit uit te schakelen, de motor van de lens te nemen, motorcontroller + handunit weer in te schakelen, geheugenstanden te wissen en opnieuw te beginnen. 

Let op: mocht er tijdens handmatige kalibratie toch iets fout gaan en als gevolg hiervan de motor tegen de eindstop van de focusring op de lens draaien; dan de handunit direct uitschakelen en de motor loskoppelen van de lens.

NB: Wanneer men bij het handmatig kalibreren voorzichtig te werk gaat, zal zelfs bij die enkele keer dat de motor abusievelijk toch tegen de eindstop van de focusring op de lens draait, de belasting op de lens als geheel over een langere periode altijd nog veel kleiner zijn dan in het geval waarin het systeem steeds weer opnieuw volautomatisch wordt gekalibreerd.


TERUG